Goddestination

Al-Muzzammil

Al-Moezzammil

De Ingehulde

20 ayahsMeccanNederlands

Now playing Watch on YouTube

بِسۡمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحۡمَـٰنِ ٱلرَّحِیمِ

Bismi Allah Ar-Rahman Ar-Rahim

  1. 1 یَـٰۤأَیُّهَا ٱلۡمُزَّمِّلُ

    Ja ayyuha Al-Moezzammil

    O gij omwikkelde profeet!

  2. 2 قُمِ ٱلَّیۡلَ إِلَّا قَلِیلࣰا

    Koe mie Al-lail illa kalielan

    Sta op om te bidden, en ga daarmede voort gedurende den nacht, behalve een klein gedeelte:

  3. 3 نِّصۡفَهُۥۤ أَوِ ٱنقُصۡ مِنۡهُ قَلِیلًا

    nisfahoe awi Oenkoez minhu kalielan

    Dat is te zeggen, gedurende de helft daarvan, of verkort dit een weinig.

  4. 4 أَوۡ زِدۡ عَلَیۡهِ وَرَتِّلِ ٱلۡقُرۡءَانَ تَرۡتِیلًا

    au Zet alayhi Varatil Koran tartielan

    Of voeg er iets bij, en herhaal den Koran met eene duidelijke en welluidende stem.

  5. 5 إِنَّا سَنُلۡقِی عَلَیۡكَ قَوۡلࣰا ثَقِیلًا

    sanoel-kie aleiko kawlän thakielan

    Want wij zullen u een zeer gewichtig woord openbaren.

  6. 6 إِنَّ نَاشِئَةَ ٱلَّیۡلِ هِیَ أَشَدُّ وَطۡـࣰٔا وَأَقۡوَمُ قِیلًا

    Inna nasjieta Al-layl heja a-sjed-doe wasa oea aqwoemoe Kielá

    Waarlijk, het begin des nachts heeft meer kracht voor het standvastige gebed en geeft meer gemak om ons uit te drukken;

  7. 7 إِنَّ لَكَ فِی ٱلنَّهَارِ سَبۡحࣰا طَوِیلࣰا

    Inna laka fee An-nahari sabhan tauil

    Want des daags hebt gij vele bezigheden.

  8. 8 وَٱذۡكُرِ ٱسۡمَ رَبِّكَ وَتَبَتَّلۡ إِلَیۡهِ تَبۡتِیلࣰا

    Wazkoeri Ism Rabbi-k wa tabattal ilayhi tabtiylen

    En herdenk den naam van uwen Heer en geef u geheel aan hem over, terwijl gij van de wereldsche ijdelheden afstand doet.

  9. 9 رَّبُّ ٱلۡمَشۡرِقِ وَٱلۡمَغۡرِبِ لَاۤ إِلَـٰهَ إِلَّا هُوَ فَٱتَّخِذۡهُ وَكِیلࣰا

    Rabb Al-Masjriki Wal-Maghribi La Ilaah illa hoe fatahiedh Wakiel

    Hij is de Heer van het Oosten en het Westen. Er is geen god buiten hem. Neem hem dus tot uwen beschermer.

  10. 10 وَٱصۡبِرۡ عَلَىٰ مَا یَقُولُونَ وَٱهۡجُرۡهُمۡ هَجۡرࣰا جَمِیلࣰا

    wasbir Ala ma jaqoeloen Wahjoerhoem hadjra Djamil

    Draag den schimp geduldig, dien de ongeloovigen u toevoegen, en vertrek van hen op een voegzame wijze.

  11. 11 وَذَرۡنِی وَٱلۡمُكَذِّبِینَ أُو۟لِی ٱلنَّعۡمَةِ وَمَهِّلۡهُمۡ قَلِیلًا

    Vadharni Wal moekaddibien oelie An-na'mati wamahhilhoem kalielan

    En laat mij alleen met hen, die den Koran van valschheid beschuldigen, die de genoegens van dit leven genieten. Verleen hun een weinig uitstel.

  12. 12 إِنَّ لَدَیۡنَاۤ أَنكَالࣰا وَجَحِیمࣰا

    Inna ladhejna ankalan Wadjahiem

    Waarlijk wij hebben voor hen zware ketenen, en een brandend vuur.

  13. 13 وَطَعَامࣰا ذَا غُصَّةࣲ وَعَذَابًا أَلِیمࣰا

    Weta'amana za goessa wa-a'zaban aliem

    En voedsel dat hen zal doen verstikken, die het opzwelgen, en eene pijnlijke marteling.

  14. 14 یَوۡمَ تَرۡجُفُ ٱلۡأَرۡضُ وَٱلۡجِبَالُ وَكَانَتِ ٱلۡجِبَالُ كَثِیبࣰا مَّهِیلًا

    jaum terdjoefoe Al-ard Wal-djiebaloe vakaanet Al-djiebaaloe kathieban mahielan

    Op een zekeren dag zal de aarde geschud worden en de bergen mede; en de bergen zullen tot een zandhoop worden, die voortgedreven wordt.

  15. 15 إِنَّاۤ أَرۡسَلۡنَاۤ إِلَیۡكُمۡ رَسُولࣰا شَـٰهِدًا عَلَیۡكُمۡ كَمَاۤ أَرۡسَلۡنَاۤ إِلَىٰ فِرۡعَوۡنَ رَسُولࣰا

    Inna arselna Ilejkum rasoelan sjahiedan aleikoem kamaa arselna iela Fir'aun rasoelan

    Waarlijk, wij hebben u een profeet gezonden, om getuigenis tegen u af te leggen, zooals wij een gezant aan Pharao zonden.

  16. 16 فَعَصَىٰ فِرۡعَوۡنُ ٱلرَّسُولَ فَأَخَذۡنَـٰهُ أَخۡذࣰا وَبِیلࣰا

    fa'asi Farao Ar-rasoel Fa-ahazhna achzan Oebielan

    Maar Pharao was ongehoorzaam aan den gezant, daarom kastijdden wij hem met eene zware straf.

  17. 17 فَكَیۡفَ تَتَّقُونَ إِن كَفَرۡتُمۡ یَوۡمࣰا یَجۡعَلُ ٱلۡوِلۡدَ ٰ⁠نَ شِیبًا

    Fakjef tattakoen in kefertum jauwman jeg'al Al-wel-da geloof na sjejban

    Indien gij niet gelooft, hoe wilt gij u dan beveiligen voor den dag waarop de kinderen grijze haren van den schrik zullen krijgen?

  18. 18 ٱلسَّمَاۤءُ مُنفَطِرُۢ بِهِۦۚ كَانَ وَعۡدُهُۥ مَفۡعُولًا

    As-samaa moenfatieroe kana wa'doehoe mafoelan

    De hemel zal van schrik gespleten worden; de belofte daarvan zal zekerlijk worden vervuld.

  19. 19 إِنَّ هَـٰذِهِۦ تَذۡكِرَةࣱۖ فَمَن شَاۤءَ ٱتَّخَذَ إِلَىٰ رَبِّهِۦ سَبِیلًا

    Inna haziehi faman sjaa ittakhatha iela sabielan

    Waarlijk, dit is eene vermaning, en hij die geneigd is vermaand te worden, zal den weg tot zijn Heer nemen.

  20. 20 ۞ إِنَّ رَبَّكَ یَعۡلَمُ أَنَّكَ تَقُومُ أَدۡنَىٰ مِن ثُلُثَیِ ٱلَّیۡلِ وَنِصۡفَهُۥ وَثُلُثَهُۥ وَطَاۤىِٕفَةࣱ مِّنَ ٱلَّذِینَ مَعَكَۚ وَٱللَّهُ یُقَدِّرُ ٱلَّیۡلَ وَٱلنَّهَارَۚ عَلِمَ أَن لَّن تُحۡصُوهُ فَتَابَ عَلَیۡكُمۡۖ فَٱقۡرَءُوا۟ مَا تَیَسَّرَ مِنَ ٱلۡقُرۡءَانِۚ عَلِمَ أَن سَیَكُونُ مِنكُم مَّرۡضَىٰ وَءَاخَرُونَ یَضۡرِبُونَ فِی ٱلۡأَرۡضِ یَبۡتَغُونَ مِن فَضۡلِ ٱللَّهِ وَءَاخَرُونَ یُقَـٰتِلُونَ فِی سَبِیلِ ٱللَّهِۖ فَٱقۡرَءُوا۟ مَا تَیَسَّرَ مِنۡهُۚ وَأَقِیمُوا۟ ٱلصَّلَوٰةَ وَءَاتُوا۟ ٱلزَّكَوٰةَ وَأَقۡرِضُوا۟ ٱللَّهَ قَرۡضًا حَسَنࣰاۚ وَمَا تُقَدِّمُوا۟ لِأَنفُسِكُم مِّنۡ خَیۡرࣲ تَجِدُوهُ عِندَ ٱللَّهِ هُوَ خَیۡرࣰا وَأَعۡظَمَ أَجۡرࣰاۚ وَٱسۡتَغۡفِرُوا۟ ٱللَّهَۖ إِنَّ ٱللَّهَ غَفُورࣱ رَّحِیمُۢ

    Inna Rabbak jalamu anaka ta-koe-moe adna min thoeloeṯajie Al-layl wanesfahoe Wa-thoe-loe-tha-hoe wataifah min Alladhiena ma'aka Wallahoe joekaddiroe Al-lail Wal nahara alima an Lan tuhg-soo-huu fataaba fakroe ma tajassara mina Koran alima an sajkoenoe merza wa-aacharoen jadhriboen fee Al-ard jebtaghoen min fazli Allah wa-aacharoen joe-ka-tie-loen fee sebiel fakroe ma tajassara waa kiemoe As-salaat waatoe en leent uit Allah kardan Hasanan vama toe-kad-dim-oe le-an-foe-sie-koem tadjedoehoe enda Allah hoe haijren Wa'zama adjran Vastagfiroe Inna Allah Ghafoer Rahiem

    Uw Heer, o Mahomet! weet dat gij in gebed en overpeinzing dikwijls bijna twee derde gedeelten van een nacht, en somtijds de helft daarvan doorbrengt, en op andere tijden weder een derde gedeelte daarvan, en een deel uwer makkers die met u zijn, doen hetzelfde. Maar God weet den dag en den nacht; hij weet, dat gij die niet nauwkeurig kunt berekenen, daarom wendt hij zich gunstig tot u. Lees dus zooveel van den Koran als u gemakkelijk zal wezen. Hij weet dat er zieken onder u zijn, terwijl anderen op de aarde reizen, opdat zij door Gods goedheid, zich bezittingen zouden verwerven; en dat anderen strijden ter verdediging van Gods geloof. Lees dus zooveel daarvan, als u niet moeilijk zal wezen. Neem de vaste tijden van het gebed in acht, geef de behoorlijke aalmoezen, en leen God eene aannemelijke leening; want al hetgeen gij Gode (in goede werken) voor uwe zielen zendt, zult gij bij God terugvinden. Dit is beter, en zal eene grootere belooning verdienen. En vraag God vergiffenis; want God is vergevensgezind en barmhartig.

This surah in other languages